Binnen het project ‘Genetica een sleutel naar een intacte varkensstaart’ onderzoeken we hoe varkens met lange, ongecoupeerde staarten succesvol kunnen worden gehouden, met oog voor dierenwelzijn, genetica, huisvesting én economische haalbaarheid voor de varkenshouder. Samen met ketenpartners zetten we stappen naar een toekomstbestendige en diervriendelijkere varkenshouderij.
‘Het gaat verrassend goed, ook al zijn er soms flinke uitdagingen’,
Als onderdeel van het project heeft Ilse van VKON iedere week telefonisch contact met de varkenshouders en zal de komende maanden de varkenshouders samen met een welzijnscoach bezoeken. Een van de zeugenhouders liet voor de start van dit project de staarten van zijn varkens al geleidelijk langer. Tegelijkertijd is hij bezig met de omschakeling naar het Beter Leven Keurmerk, om zijn bedrijf klaar te maken voor de toekomst.
‘Het gaat verrassend goed, ook al zijn er soms flinke uitdagingen’, vertelt de eerste zeugenhouder. Toch lopen de ervaringen met het houden van varkens met lange staarten flink uiteen. Maar waar komt dat verschil dan eigenlijk vandaan? Volgens deze varkenshouder ligt de grootste uitdaging bij de gespeende biggen. Vooral zo’n twee weken na het spenen begint het staartbijten, wanneer de biggen ongeveer 7 weken oud zijn. In de kraamstal en vleesvarkensfase verloopt het doorgaans rustiger. Ook seizoenswisselingen, zoals het vroege voorjaar en de herfst, zorgen volgens hem voor extra uitdagingen.
Een varken dat zich niet lekker voelt, wordt onrustig en begint sneller met bijten.
De geïnterviewde varkenshouder ziet de toekomst positief. Hij is gemotiveerd om al zijn varkens aan het eind van het jaar te houden met lange staarten. Niet omdat het moet, maar omdat hij gelooft dat het kan en omdat dit de toekomst is. Daarom wil hij nú al leren wat werkt, en wat juist niet. Volgens hem draait alles om diergezondheid. Een varken dat zich niet lekker voelt, wordt onrustig en begint sneller met bijten. ”De grootste uitdaging? De obsessieve bijter. Zijn oplossing: verplaats zo’n dier naar een ander hok, met andere varkens”.
Ook benadrukt hij het belang van hokverrijking: “Je moet hokverrijkingsmaterialen niet gebruiken omdat het moet, maar omdat het varken er echt baat bij heeft.” Zijn belangrijkste tip voor collega’s: begin op tijd. “Start klein, experimenteer, durf risico’s te nemen en leer van wat wel of niet werkt. Zo voorkom je dat je later tegen grote problemen aanloopt.”
Hij gelooft in een aanpak waarbij alles op het bedrijf klopt: goede gezondheid, passende huisvesting, scherp management. “Als het totaalplaatje klopt, dan levert het houden van varkens met lange staarten ook voordelen op. Het werpt uiteindelijk zijn vruchten af.”
Het project wordt medegefinancierd door de Europese Unie.


